1
×

Inbox

  • Notificaties0
  • Taken0

Notificaties

    Terug

    Vruchtbaarheidsonderzoek: alles over oriënterend fertiliteitsonderzoek (OFO)

    Gepubliceerd op: 10-5-2020Bewerkt op: 5-29-2024
    ZP® - Magazine Gepubliceerd op: 10-5-2020Bewerkt op: 5-29-2024
    Geschreven door: ZP® - Magazine
    Misschien heb je er al eens van gehoord, een vruchtbaarheidsonderzoek. Of ook wel: oriënterend fertiliteitsonderzoek (OFO). Dit wordt gedaan als je als vrouw problemen ervaart in je vruchtbaarheid. Wat is dit precies en wanneer doen vrouwen een vruchtbaarheidsonderzoek?

    Vruchtbaarheidsonderzoek

    Stel, je hebt een jaar lang seksuele gemeenschap (zonder voorbehoedsmiddelen), en er komt maar geen zwangerschap op gang. Dan kun je ervoor kiezen om een vruchtbaarheidsonderzoek te laten uitvoeren. Het vruchtbaarheidsonderzoek, oftewel het oriënterend fertiliteitsonderzoek. Dit onderzoek is er om te kijken naar wat ervoor kan zorgen dat het ontstaan van een zwangerschap in de weg kunnen staan.

    Het oriënterend fertiliteitsonderzoek (OFO)

    Er wordt in verschillende stappen onderzocht wat de reden kan zijn van uitblijven van een zwangerschap. Het vruchtbaarheidsonderzoek bestaat uit een algemeen deel en uit extra onderzoeken die per persoon verschillend zijn. Bij 20% van de stellen lukt het niet om zwanger te worden binnen een jaar tijd. Het kan aan de vrouw liggen of aan de man. Of aan allebei. Bij 25% van de stellen die moeite hebben met zwanger raken is de oorzaak onbekend. De volgende onderzoeken kunnen worden uitgevoerd (dit is per ziekenhuis of kliniek verschillend):

    • Anamnese (onderzoek naar ziektegeschiedenis van zowel de vrouw als de man)
    • Lichamelijk onderzoek
    • Echoscopie
    • Het vaststellen van de eisprong
    • Bloedonderzoek
    • Zaadonderzoek
    • Onderzoek naar de doorgang van de eileiders

    Algemeen onderzoek: anamnese en lichamelijk

    Een anamnese is een onderzoek naar de ziektegeschiedenis van zowel de vrouw als de man aan de hand van een vragenlijst. Bij het algemene lichamelijke onderzoek wordt bij de vrouw de lengte en gewicht gemeten. Ook kan worden gekeken naar het beharingspatroon en/of de borsten en schildklier worden onderzocht. Ook doet de fertiliteitsarts bij het eerste bezoek een inwendig onderzoek.

    Aanvullend onderzoek: echoscopie

    Een echoscopie is een inwendige echo. Dit wordt gedaan om de eisprong vast te stellen en om de grootte en eventuele afwijkingen aan de baarmoeder en eierstokken goed in beeld te brengen.

    Aanvullend onderzoek: vaststellen van de eisprong

    Het vaststellen van de eisprong kan op meerdere manieren. Namelijk: de temperstuurcurve in beeld brengen, bloedonderzoek en echoscopisch onderzoek.

    • De temperatuurcurve (BTC)

    De temperatuurcurve kan in beeld worden gebracht door een maand lang elke dag je temperatuur te meten. Direct als je wakker bent. De eerste periode van de menstruatiecyclus blijft je temperatuur hetzelfde. Maar rond de periode van de eisprong, of eigenlijk de dagen na de eisprong stijgt je lichaamstemperatuur met 0,3 tot 0,5 graden. Dit blijft 14 dagen zo, tot de volgende menstruatie. Met deze temperatuurmethode kun je dus vaststellen wanneer de eisprong is geweest.

    • Bloedonderzoek: progesteron

    Als de eisprong is geweest, stijgt de hoeveelheid van het hormoon progesteron in het bloed.

    • Echoscopie.

    Een inwendige echo, waarbij de gynaecoloog kan zien of de eisprong al is geweest of nog moet plaatsvinden. Hierbij wordt gekeken naar de aanwezigheid van eiblaasjes, ofwel follikels.

    Spermaonderzoek

    Er zal aan de man gevraagd worden om sperma in te leveren bij de fertiliteitsarts. Het sperma wordt beoordeeld op hoeveelheid, aantal bewegende zaadcellen, de vorm van de zaadcellen en eventuele afwezigheid van afweerstoffen tegen zaadcellen.

    Chlamydiatest

    Als er vervolgens onderzoek wordt gedaan naar de eileiders, moet er eerst een chlamydiatest worden gedaan. Dit is een seksueel overdraagbare aandoening, en kun je hebben zonder dat je het weet. Chlamydia is een belangrijke factor voor het ontstaan van afwijkingen aan de eileiders. Vandaar dat chlamydia als eerst moet worden uitgesloten.

    Onderzoek naar de doorgang van de eileiders

    Het is belangrijk om te onderzoeken naar of de doorgang van de eileiders wel groot genoeg is. Dit kan op verschillende manieren, namelijk:

    • Röntgenfoto van de baarmoeder/HSG. Er wordt contrastvloeistof bij de buikholte en eileiders gespoten, waarna er met een röntgenfoto wordt gekeken of de eileiders doorgankelijk zijn.
    • Foamecho. De foamecho, ofwel schuimecho, wordt er schuim bij de baarmoederholte en eileiders ingebracht. Er wordt door middel van een echoscopie gekeken of de eileiders doorgankelijk zijn.
    • Transvaginale endoscopie. Hierbij brengt de arts een endoscoop (met camera) bij de buikholte naar binnen. De arts spuit blauwe vloeistof in de baarmoeder om te kijken of de eileiders open zijn. Zo kan de arts de buitenkant van de baarmoeder en de vorm van de eierstokken goed zien. En de arts kan zien of er geen verklevingen zijn.
    • Kijkoperatie. Hierbij worden twee sneetjes in de buik gemaakt, waarna met een kijkbuis in de buikholte gekeken wordt. De arts spuit een blauwe kleurstof via de baarmoedermond in de baarmoederholte en eileiders om te kijken of daar verklevingen zijn.

    Kortom: ben je langer dan een jaar bezig met proberen zwanger te worden? Dan kan het zijn dat er iets aan de hand is. Neem contact op met de huisarts voor een eventuele doorverwijzing naar het ziekenhuis!

    Bron: Richtlijnen database
    • Feed

    • Mijn week

    • Cursusportaal

    • Community

    • Dashboard