Wil je persoonlijk nieuws ontvangen en op de hoogte zijn van alle kanalen die je volgt?

Blijf op de hoogte!

Ontvang nieuws speciaal voor jou!

Alweer 36 weken zwanger!

Liv Verloskundigen

, 28 February 2021 22:14Laatste update op: 28 February 2021 22:30

Na een lange voorbereiding is het bijna zo ver…het moment waar je zo naar uit hebt gekeken; de ontmoeting met je kindje! Zodra de bevalling achter de rug is begint jullie ontdekkingsreis; de kraamtijd! Deze periode is enorm kostbaar en soms ook kwetsbaar. Uiteraard staan jullie hier niet alleen voor, want samen met de kraamzorg begeleiden wij jullie hierbij.

Vandaag bespreken we verschillende onderwerpen die na de bevalling voor jou van belang kunnen zijn. Zo vertellen wij je het een en ander over:

  • Geboorte aangifte
  • Hielprik en gehoortest
  • Kraamzorg
  • Huilgedrag baby’s
  • Veel voorkomende klachten
  • Keizersnede
  • Vrijen en anticonceptie

Geboorteaangifte

Binnen 3 werkdagen na de geboorte doe je aangifte bij het gemeentehuis of online bij de gemeente waar de baby geboren is. Dit kun je zelf doen, maar het kan uiteraard ook gedaan worden door je partner of iemand anders die bij de geboorte aanwezig is geweest. Veelal wordt de aangifte gedaan door de partner. Denk er wel aan dat, indien jullie niet getrouwd zijn of geen geregistreerd partnerschap hebben, de erkenning in de zwangerschap moet zijn geregeld. Vergeet niet een foto te maken (en door te sturen naar het thuisfront) van dit officiële moment. Tenslotte is het handig om de geboorte van de baby door te geven aan de zorgverzekering.

Hielprik en gehoortest

In de eerste week na de geboorte zullen wij de hielprik uitvoeren. We nemen hierbij wat bloed af uit de hiel van de baby en dit wordt op het laboratorium onderzocht op een aantal zeldzame ziektes. De aandoeningen zijn helaas niet te genezen. Wel kan door het vroegtijdig opsporen van deze ziektes voorkomen worden dat kinderen er blijvende schade aan overhouden. Deelname aan dit onderzoek is vrijwillig en je ontvangt binnen 5 weken bericht over de uitslag. Een enkele keer moet de hielprik opnieuw gedaan worden omdat er bijvoorbeeld onvoldoende materiaal was. Wij brengen je hiervan op de hoogte en maken dan een nieuwe afspraak om langs te komen. Ben je woonachtig in Vlaardingen of Maassluis dan meld de kraamzorg je kindje aan voor de hielprik en gehoortest en komen zij rond 5-7 dagen na de bevalling thuis langs. Ben je woonachtig is Maasland dan doen wij de hielprik zelf en zal het consultatiebureau contact opnemen voor de gehoortest. Na de kraamweek neemt de wijkverpleegkundige contact op voor het inplannen van een huisbezoek.

Kraamzorg

Kraamzorg zoals wij dat in Nederland kennen is uniek in de wereld! Er is geen ander land ter wereld waar vrouwen een kraamverzorgende krijgen die hen gedurende het hele kraambed ondersteunt. Tijdens deze week leer je hoe je de baby het beste kunt verzorgen. De kraamzorg controleert de baby, begeleid jullie als gezin, verzorg en controleert moeder en de baby. Daarbij verricht zij lichte huishoudelijke taken om de hygiene te waarborgen. Het doel is dat jij tijdens de kraamweek rustig kunt herstellen en aan het einde van de kraamweek alles weet om zelfstandig je baby te kunnen verzorgen. De Kraamzorg blijft ongeveer acht dagen na de bevalling. Soms, in overleg met ons, nog iets langer, als er bijvoorbeeld complicaties zijn opgetreden. Bij een thuisbevalling komt de kraamverzorgster al tijdens de bevalling om ons te assisteren. Als je in het ziekenhuis bevalt bel je de kraamzorgorganisatie pas na de geboorte van de baby om te laten weten hoe laat jullie kindje geboren is en je geeft aan hoe laat je verwacht thuis te zijn. Zij zorgt er dan voor dat ze bij jullie thuis is zodra jullie thuis aangekomen zijn. Ben je ‘s nachts bevallen dan is de kans groot dat de kraamverzorgster pas de volgende ochtend komt. Het wettelijk minimum aantal uur dat je krijgt is 24 uur verdeelt over acht dagen. Het maximum aantal uur is 80.

Huilgedrag baby’s

Baby’s huilen meestal vanaf het moment dat ze geboren worden. Het is een van de manieren waarop ze kunnen laten zien dat ze iets nodig hebben. Een baby kan gaan huilen als hij honger heeft, een vieze luier heeft, aandacht wil, pijn heeft, zich niet lekker voelt, gestrest (overprikkeld) is of gewoon moe is en slaap heeft. Soms huilt je kindje zo veel dat je er als ouder wanhopig van wordt. Het is dan belangrijk om de oorzaak te achterhalen zodat je weet wat je kunt doen. Ook als het niet duidelijk wordt waarom je kindje zoveel huilt, zijn er dingen die je kunt proberen om de rust in huis weer terug te vinden.

Een onrustige baby, een prikkelbare baby of een huilbaby; al deze termen worden vaak door elkaar heen gebruikt en verwijzen allen naar een kindje wat veel huilt en onrustig is. In de medische wereld spreken we van ‘te veel huilen’ als een baby meer dan 3 uur per dag, minstens 3 dagen per week, gedurende 3 weken achtereen huilt. Over de juistheid hiervan zijn de meningen sterk verdeeld. Wij spreken van een onrustige baby als je als ouder, vindt dat je kindje teveel huilt, als de baby moeilijk te troosten is en je niet meer weet wat je kunt doen! Het kan zijn dat er meerdere oorzaken zijn waardoor je kindje onrustig is en wat meer dan gemiddeld huilt. Zo hebben kindjes met koemelkallergie vaak ook last van darmkrampjes en soms zelfs reflux. En een baby die zich wakker maait met zijn/haar armpjes, raakt daardoor oververmoeid. En een baby die last heeft van een verschoven werveltje krijgt meer lucht binnen wat ook weer krampjes kan veroorzaken. Bij een onrustige baby is het vooral belangrijk zoveel mogelijk ritme en rust in te bouwen in het dagritme. Dit is niet perse gekoppeld aan vaste tijden maar gaat voornamelijk om de volgorde en rituelen. Bijvoorbeeld; wakker worden, verschonen, voeden, samen knuffelen, spelen, badderen en dan slapen. Hierdoor ontstaat voorspelbaarheid voor je kindje en dit geeft vertrouwen en rust voor jullie beiden! Soms kan een osteopaat uitkomst bieden bij onrustige baby’s.

Veel voorkomende klachten

Er zijn vrouwen die na de geboorte van een kind op een roze wolk zitten en vooral genieten. Toch merken de meeste vrouwen dat het herstel na een bevalling én het wennen aan een nieuw leven met een baby best pittig is. Je kunt te maken krijgen met verschillende klachten.

Bekkenbodemklachten

Tijdens je bevalling worden de bekkenbodemspieren flink opgerekt. Na de bevalling krijgen deze spieren weer langzaam hun oude vorm en kracht terug. Je kunt dan last van bekkenbodemklachten krijgen, zoals urineverlies, niet goed kunnen ophouden van windjes en/of ontlasting, een zwaar drukkend gevoel in de onderbuik en pijn in het bekkenbodemgebied. Na de kraamtijd adviseren wij om de bekkenbodemspieren te gaan trainen. Hiervoor kun je de App BekkenBodem van ProFundum raadplegen. Ongeveer 6 weken na de bevalling horen de klachten (met oefeningen) te verminderen. Als dit niet het geval is, neem dan contact op met een bekkenfysiotherapeut.

Bloedverlies

De eerste dagen na de bevalling is het bloedverlies meestal wat meer dan een normale menstruatie. Je kunt hierbij ook wat stolsels verliezen, soms ter grootte van een vuist. Je moet ons bellen indien je twee stolsels hebt van deze grootte binnen 24u. Het is normaal om ongeveer elke drie uur je kraamverband te verschonen. Wanneer je binnen een half uur een vol maandverband hebt, is dit wat teveel en willen we dat je ons belt. Het bloedverlies kan tot circa 6 weken aanhouden. Vaak veranderd de kleur van helderrood naar donkerbruin van kleur. Het kan voorkomen dat op het moment dat je weer wat meer gaat doen, het bloedverlies weer iets toeneemt. Je hoeft hier niet van te schrikken. Bij twijfel kunnen jullie ons altijd bellen.

Hechtingen

Soms is het nodig na de bevalling te hechten. In de kraamtijd kun je hier wat last van hebben. De hechtingen lossen in principe vanzelf op, maar soms geeft het verlichting als wij deze rond de 7de dag verwijderen. Tips: plassen onder de douche en/of naspoelen met water, ga recht op de hechtingen zitten, het liefst op een harde ondergrond, neem voldoende rust, dit betekent een horizontale houding, koelen met koude kompressen en neem indien nodig paracetamol.

Klachten bij voeden

Op borstvoeding geven kun je je voorbereiden door bijvoorbeeld een voorlichtingsavond te bezoeken of de website borsvoeding.com te bekijken. Goed aanleggen voorkomt namelijk veel problemen en bepaalt erg of het geven van borstvoeding lukt. Na de bevalling ga je samen met je baby oefenen. Belangrijk is dat de baby zo veel mogelijk de tepel en het tepelhof in zijn mondje neemt. Dus niet alleen de tepel. Het kost soms wat tijd en oefening om te leren hoe je je baby aan de borst legt. Tips: volg een borstvoedingscursus, als het voeden pijnlijk aanvoelt leg de baby dan opnieuw aan, probeer verschillende houdingen, vermijd een fopspeen, vraag hulp als het aanleggen niet lukt en zorg goed voor jezelf, zorg voor voldoende rust, slaap, goed eten en drinken.

Kraamtranen

Niet iedereen zit op een roze (of blauwe) wolk! Sterker nog, de meeste vrouwen zitten daar niet op of maar eventjes. Kraamtranen (ofwel babyblues) zijn plotselinge stemmingswisselingen en/of onverwachtse huilbuien. Meer dan de helft van de kraamvrouwen heeft hier last van. De kraamtranen ontstaat door de verandering in de hormoonhuishouding, vermoeidheid, soms stuwing van de borsten en vooral het ‘’wennen aan het nieuwe leven’’. Zorg voor voldoende rust, laat het er zijn, en praat of schrijf de gevoelens van je af. Meestal verdwijnen de kraamtranen vanzelf. Gebeurt dit niet en krijg je andere klachten als somberheid, nergens meer zin in hebben, lusteloosheid, slecht of niet kunnen slapen (door piekeren) en kun je niet meer van dingen genieten, praat hier dan over met ons, maak een afspraak voor een coachgesprek of neem contact op met de huisarts.

Naweeën

Meestal ontstaan er na de bevalling naweeën. Dit zorg ervoor dat het bloedverlies verminderd en dat de baarmoeder weer terug gaat naar de positie als buiten de zwangerschap. De naweeën zullen na een paar dagen verminderen en uiteindelijk verdwijnen. Bij het geven van borstvoeding zijn de naweeën over het algemeen wat heviger. Dit komt doordat tijdens de borstvoeding het hormoon oxytocine vrijkomt wat zorg dat je baarmoeder samentrekt. Dit kun je niet voorkomen, wel kun je de pijn verlichten. Tips: om de 6 uur 2 paracetamol van 500mg, warmte op je buik (eerste 24u na de bevalling niet)

Stoelgang en aambeien

Meestal duurt het enkele dagen voordat de ontlasting weer op gang is. Dit heeft te maken met de verminderde mobiliteit, angst en eventuele aambeien. Het voor het eerst krijgen van ontlasting lijkt vaak erg, maar valt meestal mee. Tips: drink voldoende water, eet vezelrijk voedsel en neem de tijd op het toilet. Indien je last hebt van aambeien kun je in overleg met ons Curanol (tabletten of zalf) gebruiken.

Transpireren

De zwangerschapshormonen verlaten na de geboorte langzaam je lichaam. Hierdoor kun je overmatig gaan transpireren. Dit is een normaal verschijnsel wat vanzelf weer verdwijnt.

Keizersnede

Een keizersnede is een buikoperatie die gepland of ongepland plaats kan vinden. Zo kan een keizersnede plaats vinden als er in de zwangerschap problemen ontstaan of tijdens de bevalling als een vaginale bevalling niet lijkt te lukken. Als je in het verleden al eerder een keizersnede hebt meegemaakt, krijg je in de zwangerschap de keuze of je de bevalling vaginaal of per keizersnede wilt laten plaatsvinden. Elke bevalling na een keizersnede dient altijd in het ziekenhuis onder leiding van de gynaecoloog plaats te vinden. Gedurende de zwangerschap mag je wel gewoon bij ons onder controle tot de 36e zwangerschapsweek.

Voorafgaand aan de operatie krijg je in de meeste gevallen een ruggenprik. Alleen het onderlijf wordt hiermee verdoofd. Je maakt hierdoor de geboorte van je kind bewust mee. In enkele gevallen zal de keizersnede onder algehele narcose plaats vinden. Dit gebeurt als de keizersnede met spoed moet worden uitgevoerd. Als alles goed gaat, mogen jij en de baby op de derde dag na de operatie weer naar huis. Daar krijg je nog de resterende kraamzorg. De keizersnede is een zware buikoperatie. Je moet hier goed van herstellen. Het duurt ongeveer 6 weken voordat je weer normaal huishoudelijk werk kunt doen of mag autorijden.

Vrijen en anticonceptie

Na de bevalling breekt er een nieuwe periode aan. Je hebt minder tijd voor elkaar, je lichaam is veranderd en je hoofd staat mogelijk nog niet naar vrijen. Ongeveer 6 weken na de bevalling kun je weer vrijen. Meestal is je baarmoeder weer hersteld en het bloedverlies gestopt. De eerste keer vrijen na een bevalling is vaak spannend. Je vraagt je af of het nog hetzelfde voelt en je bent vaak nog niet geheel comfortabel met je lichaam wat volop aan het ontzwangeren is. Onder invloed van de hormonen kun je merken dat je wat moeilijker opgewonden en vochtig wordt. Tips: doe het voorzichtig, neem de tijd en probeer zoveel mogelijk te ontspannen, leg er niet teveel druk op en gebruik eventueel glijmiddel.

Belangrijk! Vier weken na de bevalling kun je al weer zwanger worden. Je kunt dus zonder te menstrueren al weer vruchtbaar zijn. Het geven van volledige borstvoeding verkleint de kans op een zwangerschap, maar sluit dit niet uit. Welke anticonceptiemethode bij je past hangt af van verschillende dingen. Om tot een keuze te komen kun je jezelf de volgende vragen stellen: Geef je borstvoeding? Heb je (nog) een kinderwens? Wil je dezelfde anticonceptie gebruiken? Heb je bezwaar tegen hormonen? Hoe ziet je cyclus er normaal gesproken uit?

Wil je meer weten over anticonceptie, maak dan een afspraak. Wij kunnen je informeren over de verschillende mogelijkheden. Daarnaast kunnen we bepaalde anticonceptie voorschrijven en eventueel plaatsen. Voor meer informatie zie: De Verloskundige Anticonceptie

Mocht je naar aanleiding van de bovenstaande informatie vragen hebben, neem dan contact met ons op of stel je vragen tijdens de volgende afspraak op de praktijk.

Liefs, Team Liv-verloskundigen.

  • Magazine

  • Mijn week

  • Zoeken

  • Dashboard